Oud litteken dat klachten geeft: herken de oorzaak

Een litteken is opgebouwd uit steviger bindweefsel dan de huid eromheen. Hoe een litteken precies ontstaat lees je elders na. Dat stevige weefsel kan ook jaren later ineens pijn, jeuk of een trekkend gevoel geven, terwijl er verder niets nieuws aan de hand is.

Klachten van een oud litteken zijn gewoner dan je denkt. Nieuwe spanning of druk op het weefsel kan de cellen daarin opnieuw prikkelen, ook jaren na de genezing. Daarbij kan het litteken vastzitten aan het onderliggende weefsel, waardoor die plek minder soepel blijft. Is de klacht mild en duidelijk gebonden aan het litteken zelf, dan helpt het al om de spanning op dat gebied te verminderen. Verandert het litteken van vorm of blijft het groeien, dan is een arts of huidtherapeut de aangewezen persoon. Komen er ook tintelingen, zwelling of koorts bij, neem dan snel contact op.

Hypertrofisch litteken of keloïd: het verschil

Een hypertrofisch litteken blijft binnen de grenzen van de oude wond. Het vlakt vaak vanzelf af. Een keloïd litteken groeit juist verder, tot ver buiten de oorspronkelijke wond, en verdwijnt nooit vanzelf. Als klachten maanden aanhouden of erger worden, is dit onderscheid de eerste stap: kun je afwachten, of moet er iemand meekijken?

Hypertrofisch littekenKeloïd litteken
OntstaanstermijnMeestal binnen 6 maanden na de wondVaak pas na 6 maanden
UitbreidingBlijft binnen de grenzen van de wondBreidt uit tot buiten de wondgrens
RegressieVlakt vaak spontaan af, binnen 6 tot 12 maandenGroeit door, verdwijnt niet vanzelf
VoorkomenKan overal ontstaan, frequentZeldzamer; vaker op het borstbeen, de nek of het oorlelletje
ErfelijkheidGeen bekende rolErfelijke aanleg speelt mee

Twijfel je welk type jouw litteken is? Kijk dan naar wanneer de klacht of verdikking na de verwonding ontstond. Bekijk ook of het litteken inmiddels is afgevlakt en waar op je lichaam het zit. Ontstond de klacht al binnen een half jaar en vlakt het litteken af, dan past dat bij een hypertrofisch litteken. Afwachten volstaat dan vaak. Ontstond de verdikking pas later en blijft ze groeien, let dan op de plek. Zit het litteken op het borstbeen, de nek of het oorlelletje, dan wijst dat eerder op keloïd. In dat geval is een afspraak bij de dermatoloog of huidtherapeut een verstandige stap.

Beide vallen onder officiële medische classificaties. De ICD-10 geeft hypertrofische littekens en keloïd samen code L91.0. De ICD-11 behandelt keloïd inmiddels als een aparte categorie. Het gaat dus om een erkend medisch onderscheid, niet om een mening.

Waarom geeft een oud litteken na jaren weer klachten?

Een oud litteken kan opnieuw klachten geven omdat de cellen in het weefsel gevoelig blijven voor spanning. Dat geldt ook lang na de genezing. Die cellen heten myofibroblasten. Ze trekken het weefsel samen en reageren op rek of druk, of op een nieuwe stoot.

Het litteken kan ook vastzitten aan het onderliggende bindweefsel. Zo'n verkleving maakt de plek steviger, maar minder soepel. Hoe sterker de verkleving en hoe harder het weefsel, hoe minder de huid en de spieren daaronder nog meebewegen. Dat is de verklaring voor het trekkende of stugge gevoel dat mensen bij een ouder litteken herkennen.

Onderzoek naar myofibroblasten wijst op signaalroutes die spanning omzetten in celactiviteit. Dat mechanisme heet mechanotransductie. Het kan verklaren waarom een nieuwe mechanische prikkel de cellen weer activeert. Een nieuwe prikkel is dan ook de logischste verklaring, niet spontane heractivering. Voorbeelden zijn langer op je buik liggen, een strakke broeksband, een stoot bij het sporten, of een ingreep vlakbij het oude litteken. Hard bewijs hiervoor ontbreekt. Maar het mechanisme achter littekenweefsel maakt de verklaring aannemelijk.

Klacht van het litteken of ergens anders?

Ga eerst na waar de klacht precies zit. Zit hij op of vlak rond het litteken, en neemt hij toe als je erop drukt of de huid daar beweegt? Dan komt de klacht waarschijnlijk van het litteken zelf. Voelt de klacht dieper, verspreidt hij zich verder weg, of past hij niet bij die plek? Dan is er mogelijk iets anders aan de hand. Bij twijfel is een arts of huidtherapeut de aangewezen persoon om het te beoordelen.

Mogelijke klachten van een oud litteken

Een litteken dat klachten geeft, doet dat zelden op één manier. Jeuk en pijn komen het meest voor, zeker bij een hypertrofisch of keloïd litteken. Veel mensen omschrijven de klacht ook als trekkend of stug. Dat past bij de verminderde elasticiteit van littekenweefsel. Bij een groter of dieper litteken kan de bewegingsvrijheid van de huid en onderliggende spieren beperkt zijn. Bij een litteken over een gewricht geeft dat al snel hinder.

Kan een litteken op een zenuw drukken?

Deels. Een litteken vlakbij een zenuwbaan kan tintelingen of uitstralende pijn veroorzaken. Of dat bij jou de oorzaak is, valt niet zelf betrouwbaar vast te stellen: daarvoor heb je een arts nodig. Heb je tintelingen, een doof gevoel of pijn die uitstraalt vanaf het litteken, bespreek dat dan met je huisarts.

Wat je zelf kunt doen

Spanning op het litteken lijkt de klachten te voeden: het is die spanning die de cellen in het weefsel prikkelt. Voorzichtig mobiliseren en de spanning verminderen werkt daardoor naar verwachting beter dan afwachten. Bij afwachten blijft de spanning staan. Mobiliseren neemt die weg. Dit wordt in de vakliteratuur genoemd als manier om klachten te verlichten.

Kies voor losser zittende kleding op die plek. Zorg dat er geen strakke banden of naden over het litteken lopen. Belast het gebied ook niet onnodig door er steeds overheen te wrijven of op te leunen. Wil je een aanpak op maat, met massage of gerichte mobilisatietechnieken, vraag dan een huidtherapeut of fysiotherapeut. Meer niet-chirurgische mogelijkheden staan bij littekens minimaliseren zonder chirurgie.

Weer, stress en hormonen

Sommige mensen merken dat een litteken anders aanvoelt bij kou of vochtig weer. Anderen zien het verband met stress op hun lichaam. Ook hormonale schommelingen, rond de menstruatiecyclus of tijdens een zwangerschap, worden door sommigen als factor genoemd. Een hard bewezen verband is er niet. Maar de klacht zelf is reëel voor wie hem ervaart. Verandert het gevoel duidelijk mee met het weer, je gemoedstoestand of je hormonen, dan zegt dat iets over hoe gevoelig het weefsel op dat moment is. Het wijst niet op een nieuw probleem.

Wanneer een arts raadplegen

Blijft een litteken na maanden nog veranderen, roder worden of actief aanvoelen? Dan is een afspraak bij een dermatoloog of huidtherapeut een logische stap. Ook een litteken van tientallen jaren oud kan nog verharden of van vorm veranderen. Dat hoeft niet op iets nieuws te wijzen, maar is wel een reden om het te laten bekijken. Bij een keloïd litteken kan de arts een corticosteroïd-injectie inzetten, vaak in combinatie met een siliconenpleister of drukverband. Bij hardnekkige gevallen wordt vaker een combinatie van behandelingen ingezet dan één enkele ingreep.

Zelfs na een behandeling die leek te werken, kan een litteken later terugkomen. Dat is in de praktijk niet ongewoon en het betekent niet dat de behandeling is mislukt. Neem in ieder geval contact op bij snel toenemende pijn, zwelling, roodheid met warmte of koorts rond het litteken (zie ook een ontstoken litteken voorkomen). Dat hoort niet bij een gewoon verouderend litteken.